WWW.HOLLANDACAEGITIMI.COM |
||
| 1-Welke maand komt na januari? februari 3-Zijn wielen rond of vierkant? rond 4-Wat is zoet, suiker of zout? suiker 5-Wat doe je met een oven? bakken 6-Wat doe je met je mond? praten 7-Hoe noem je de vader van je moeder? opa 8-Is het in de nacht licht of donker? donker 9-Hoeveel centimeter is een meter? honderd 10-Wat is groter, een boom of een plant? Een boom 11-Wat doe je met een schaar? knippen 12-Welk seizoen komt na de lente? zomer 13-Wat komt uit de kraan? water 14-Wat doe je met een mes? snijden 15-Kun je met een lepel eten? ja 16-Is een jongen een man of een vrouw? Een man 17-Eet je in de ochtend een ontbijt(kahvaltý)? ja 18-Wanneer is de lunch? 's middags 19-Hoeveel neuzen heeft een mens? een 20-Heeft een mens vijf handen of twee handen?twee handen 21-Renate is 15 en Anne is 13…wie is er jonger? anne 22-Hoeveel vingers heeft een mens? tien 23-Kan een vliegtuig vliegen? ja 24-Welke kleur heeft de lucht(hava)? blauw 25-Wat is langer een uur of een kwartier? Een uur 26-Kun je op een stoel zitten? ja 27-Is iemand die hoofdpijn heeft ziek? ja 28-Hoe noem je de zoon van je oom? neef 29-Hoe noem je de man van je zus(bacý)? Zwager(eniþte) 30-Is een koe een mens of een dier? dier 31-Doe je een pet(kasket) op je hoofd(kafa)? ja 32-Het is nu zes uur..over twee uur is het…? Acht uur 33-Kun je kleren(giysi) eten? nee 34-Piet is dunner(þiþman) dan Jan…wie is het dikst(en zayýf)? jan 35-Heeft een man een baard(sakallý)?ja 36-Wat doe je in de keuken? koken 37-Wat doe je in een slaapkamer? slapen 38-Hoeveel ogen(göz) heeft een mens? twee 39-Is een appel gezond? ja 40-Wat is gezonder een sinaasappel of chocola? sinaasappel 41-Word je van patat dik? ja 42-Als je 100 jaar bent…ben je dan jong? nee 43-Kim is 18 jaar en Peter is 32 jaar wie is er ouder? peter 44-Is Jan een jongen?ja 45-Hoeveel uur heeft een dag? vierentwintih 46-Hoeveel kwartier heeft een uur? vier 47-Wat is korter een kwartier of vijf minuten? Vijf minuten 48-Is een hond(köpek) pars(pars)? nee 49-Komt er uit de kraan alleen warm water? nee 50Kan iemand die blind is zien? nee 51-Is de zon rond of vierkant? rond 52-Is een dag langer dan een jaar? nee 53-Welk seizoen is kouder…de herfst of de lente? herfst 54-Trek ik een jas aan als ik naar buiten of naar binnen ga? Ýk naar buiten 55-Is een broek(pantolon) kleding? ja 56-Is moeder een beroep(meslek)?nee 57-Kun je met geld betalen? ja 58-Hoe noem je de dochter(kýzý) van je tante(teyze)? nicht 59-Het is nu twee uur..over een kwartier is het….? Kwart over twee 60-Het is vandaag zaterdag..overmorgen(birsonraki gün) is het..?maandag 61-Heeft een paard benen of poten? poten 62-Heeft een mens twee benen of 3 benen? Twee benen 63-Is zondag een werkdag? nee 64-Wat noemen we het weekend? Zaterdag en zondag 65-Noem een werkdag…maandag, dinsdag, woevstdag, donderdag, vrijdag 66-Het is nu woensdag..gisteren was het…? dinsdag 67-Welk seizoen is het koudst? winter 68-Welk seizoen is het warmst? zomar 69-Wat doet een bakker? brood bakken 70-Als iets ingewikkeld is, is het dan makkelijk of moeilijk? moeilijk 71-Ben je gezond of ziek als je de griep hebt? ziek 72-Mijn vader is langer dan mijn moeder..wie is het langst? Mijn vader 73-Is leraar een beroep? ja 74-Als ik boos ben…ga ik dan lachen? nee 75-Is de nacht licht of donker? donker 76-Schijnt de zon overdag? ja 77-Heeft een verkeerslicht drie of zes lichten? drie 78-Wat is eerder…acht uur of half negen? acht 79-Wat is gezonder snoep(þeker) of fruit? fruit 80-Is een peer groente(sebze)? nee 81-Zijn groente en fruit goed voor de gezondheid? ja 82-Het is nu vrijdag…eergisteren was het? woenstdag 83-Legt een haan een ei? nee 84-Het is nu negen uur…over een half uur is het? Half tien 85-Staat een oven in de keuken? ja 86-Wat doe je in een keuken? broot koken 87-Kan ik met een bril kijken? ja 88-Als ik blind ben kan ik dan niet zien of niet horen? Niet zien 89-Is januari een seizoen? nee 90-Is oma een mens of een dier? Een mens 91-Wat is gezonder melk of limonade? melk 92-Hoeveel seizoenen heeft een jaar? vier 93-Heeft de mens een lichaam(beden)? ja 94-Heeft een huis een huiskamer? ja 95-Wat is duurder…een trui van 15 euro of 30 euro? 30 euro 96-Wordt iets goedkoper met korting(indirim)? ja 97-Is oktober een seizoen of een maand? Een maand 98-Welke maand komt voor mei? april 99-Als iets eenvoudig(basit) is, is het dan makkelijk of moeilijk ? makkelijk 100-Als iets kookt, is het dan heet(kaynar) of koud ? heet 101-Wat doe je in een bed ? slapen 102-Hoeveel zijden(üçgen) heeft een driehoek ? drie 103-Hoe smaakt(tat) suiker ? zoet 104-Wat is groter een muis of een konijn(tavþan) ?konijn 105-Welk getal(sayý) komt na 19? twintig 106-Welke kleur heeft bloed(kan)? rood 107-Is je nicht een man of een vrouw? Een vrouw 108-Is tekenen(resim yapmak) een hobby of een beroep(meslek)? hobby 109-Is een gezicht vierkant? nee 110-Fiets je op een rivier of op een pad(patika) ? pad 111-Is ijs(dondurma) warm of koud ?koud 112-Wat is minder…24 euro of 11 euro? Elf euro 113-Zijn schoenen om te lopen(yürümek) of om te drinken ? om te lopen 114-Waar ga je naar toe als je ziek bent? De dokter 115-Wat is later 12 uur of half 11? twaalf uur 116-Wat komt er na de zomer? herfst 117-Sneeuwt het in de winter of in de lente? winter 118-Wat doe je met een glas? drinken 119-Als je arm bent heb je dan veel of weinig geld? Weinig geld 120-Kun je met een vliegtuig vliegen? ja 121-Is een bloemkool(karnabahar) groente(sebze) of fruit? groente 122-Welk dier legt eieren? kip 123-Is een kip een man of een vrouw? Een vrouw 124-Is een stier(boða) een man of een vrouw?een man 125-Waar woon je? turkije 126-Kun je met een auto rijden of vliegen? rijden 127-Als je een groot gezin(aile) hebt, heb je dan veel of weinig kinderen? veel 128-Is een kerk(kilise) een gebouw(bina) of poort(büyük kapý)? gebouw 129-Kan een vis zwemmen? ja 130-Kun je rijst(pirinç) eten of drinken? eten 131-Is een merrie een man of een vrouw? vrouw 132-Hoe noem je een gebouw(bina) waar kinderen les(ders) krijgen(almak)? school 133-Kun je schaatsen(paten kaymak) als het koud is, of warm? koud 134- 1 uur …hoeveel kwartier is het? vier 135- 1 uur..hoeveel minuten is dat? zestig 136-Een half uur..hoeveel minuten is dat? diertig 137- 1 minuut hoeveel seconden is dat? zestig 138-Wat is meer..64 euro of 65 euro? vijfeenzestig 139-Kan een paard hinniken(kiþnemek) of blaffen(havlamak)? hinniken 140-Wat doet een poes(kedi)? Miauwen 141-Is een hengst(aygýr) een man of een vrouw? Man 142-Wat doe je met een boek? lezen 143-Waar ga ik naartoe als ik ziek ben? Naar de dokter 144-Is een huis een gebouw? ja 145-Wat kun je met een videocamera? video opnemen 146-Kim is langer dan peter….is kim het langst?ja 147-Doe je het licht aan of uit als het donker is? Aan karanlik olursa lambayi acarmisin kaparmisin 148-Is Parijs een stad(þehir) of een land(ülke)? Een stad 149-Is jan een voornaam of een achternaam? voornaam 150-Kan een stier(boða) melk geven(vermek)?nee 151-Is een lammetje ouder dan een schaap? Nee bir kuzu koyundan yaslimidir 152-In welke maand is het kerst(noel)? December 153-Wat wordt er op 5 december gevierd? Sinterklaas cocuk bayrami 154-Is een trein een vervoersmiddel(ulaþým aracý)? ja 155-Is roken(sigara içmek) gezond of ongezond?ongezond 156-Als iets gemakkelijk(kolay basit) is..is het dan makkelijk of moeilijk?makkelijk 157-Kan een eend(ördek) in het water zwemmen? ja 158-Zien alle mensen er hetzelfde(ayný) uit? Nee butun insanlar aynimi gorunur 159-Kan een baby praten? nee 160-Wat is de eerste dag van de week? maandag 161-Hoeveel dagen telt(sayý) een week? zeven 162-Wat is de laatste dag van de week? zondag 163-Is een kind van 8 jaar volwassen? nee 164-Is zuurkool(lahana turþusu) groente of fruit? groente 165-Zijn groenten(sebzeler) gezond? ja 166-Is een jurk(elbise) voor een meisje of een jongen? meisje 167-In welk seizoen schijnt de zon het mest(en çok)? zomar 168-Welk getal(sayý) komt na 65? zesenzestig 169-Zijn groente en fruit goed voor de gezondheid? ja 170-Het is nu vrijdag…eergisteren was het? woenstdag 171-Legt een haan(horoz) een ei? nee 172-Het is nu negen uur…over een half uur is het?half tien 173-Staat een oven in de keuken? ja 174-Welke maand komt voor mei? april 175-Als iets eenvoudig(karmaþýk) is, is het dan makkelijk of moeilijk ?moelijik 176-Als iets kookt, is het dan heet of koud ? heet 177-Wat doe je in een bed ? slaapen 178-Fiets je op een rivier of op een pad ? pad 179-Is ijs warm of koud ? koud 180-Wat is minder…24 euro of 11 euro? Elf euro 181-Zijn schoenen om te lopen of om te drinken ? lopen 182-Waar ga je naar toe als je ziek bent? Naar de dokter 183-Kan ik met een bril kijken? ja 184-Als ik blind ben kan ik dan niet zien of niet horen? Niet zien 185-Als iets gemakkelijk(basit) is..is het dan makkelijk of moeilijk? makkelijk 186-Is januari een seizoen? nee 187-Is een trein een vervoersmiddel(taþýma aracý)? ja 188-Is roken gezond of ongezond?ongezond 189-Kan een eend in het water zwemmen?ja 190-Is de basisschool(ilkokul)voor volwassenen? nee 191-Is een berg hoog of laag? hoog 192-Wat doe je met een nagelschaar(týrnak makasý)? Nagel knippen 193-Hoeveel voeten heeft een mens? twee 194-Wat kun je met een telefoon? praten 195-Wat doe je met een weegschaal(tartý)? wegen 196-Hoeveel dagen telt een week? zeven 197-Kan ik met een bril kijken? ja 198-Als ik blind ben kan ik dan niet zien of niet horen? Niet zien 199-Als iets gemakkelijk is..is het dan makkelijk of moeilijk?makkelijk 200-Is januari een seizoen? nee 201-Is een trein een vervoersmiddel? ja 202-Is roken gezond of ongezond? ongezond 203-Kan een eend in het water zwemmen? ja 204-Is de basisschool(ilkokul) voor volwassenen? nee 205-Is een berg hoog of laag? hoog 206-Wat doe je met een nagelschaar? Nagel knippen 207-Hoeveel voeten heeft een mens? twee 208-Wat kun je met een telefoon? praten 209-Wat doe je met een weegschaal(terazi)? wegen 210-Hoeveel dagen telt een week? zeven 211-Kruipen(sürünmek)…is dat snel(hýzlý) of langzaam(yavaþ)?langzaam 212-Hoe noem je iemand die niet kan zien? blind 213-Komt er uit de kraan alleen warm water? nee 214-Wat verkoopt(satmak)een groenteman(manav)? groente 215-Is een pannekoek rond of vierkant? rond 216-Het is nu vrijdag…eergisteren was het?woenstdag 217-Hoe noem je de moeder van je moeder? oma 218-Wordt iets goedkoper met korting(indirim)? ja 219-Heeft een verkeerslicht(trafik lambasý) drie of zes lichten? drie 220- ’s nachts…..is het dan donker of licht? donker 221- Is oktober een seizoen of een maand?maand 222-Wat doe je met een mes? snijden 223-Wat is eerder…acht uur of half negen?acht uur 224-Waar woont een koning?place(saray) 225-Wat kun je met een vork? eten 226-Iemand met een laag salaris(maaþ) verdient(kazanmak) hij veel of weinig? weinig dusuk maasli birisi azmi cokmu kazanir 227-Heeft een mens vijf ogen? nee 228-Hoe noem je de dochter van je oom(amca dayý)? nicht 229-Kan een paard mekkeren(melemek)? nee 230-Is roken gezond of ongezond? ongezond 231-Wat doet een vogel? 232-Vandaag is het vrijdag…overmorgen is het? zondag 233-Schaatsen(paten)…doe je dat als het koud is? ja 234-Wat kun je in een vaas(vazo) zetten(koymak)? bloomen 235-Is een toren laag? nee 236 -1 uur…is dat 60 minuten of 60 seconden? Zestig minuten 237-Valt er sneeuw in de zomer? nee 238-Kerst(noel) is dat in september of december? december 239-Schijnt de zon ’s nachts of overdag? nee 240-Wat kan een vliegtuig? 241 -Is een schaap(koyun) jonger dan een lammetje(kuzu)? nee 242-Wat is sneller(hizli süratli)…rennen(koþmak) of kruipen(sürünmek)? rennen 243-Is twintig minuten langer dan 30 minuten? nee 244-Wat kan een vis? zwemen 245-Blind…is dat anders dan doof? nee 246-Wat is korter……een jaar of een dag? een dag 247-Is gras groen?ja 248-Wat kun je met geld? betalen 249-Een neef….is dat een man of een vrouw? man 250-Het is nu oktober….volgende maand is het? agustus 251-Wat doet een hond?blift 252-Gezond…is dat hetzelfde als ongezond? nee 253-Is je nicht(kýz kuzen) de zoon(oðul) van je tante(teyze)?nee 254-Is een hengst (aygýr)een man of een vrouw? man 255-Heeft een mens vier of twee voeten? Twee voeten 256-Kun je met een neus ruiken(koklamak) of zien? ruiken 257-Is een appel groente of fruit? fruit 258-Wat is langer een uur of 60 minuten? evenfeel 259-Is de herfst kouder dan de zomer? ja 260-Is eenvoudig(karmaþýk) hetzelfde als makkelijk?nee 261-Tim is korter dan Jan…wie is het langst?jan 262-Valt er sneeuw in de zomer? nee 263-Wat is gezonder…patat of een peer(armut)? peer 264-Wat kun je met een potlood(kurþun kalem) ?schrijven 265-Wat kun je op een stoel? zetten 266-Wat geeft(vermek) een koe? melk 267-Is een sinaasappel paars of oranje? oranje 268-Hoeveel vingers heeft een mens? tien 269-Kan een haan een ei leggen?nee 270-Wat is harder(sert)…schreeuwen(baðýrmak) of fluisteren(fýsýldamak)? schreeuwen 271-Welke maand komt na mei? april 272-Heeft een leeuw(aslan) benen of poten? poten 273 -’s nachts…..is het dan donker of licht? licht 274-Wordt iets duurder(pahalý) met korting(indirim)?nee 275-Wat doet een paard? hinniken 276-Is sporten gezond of ongezond? gezond 277-Welk getal is groter…55 of 65?vijfenzestig 278-Is zuurkool(lahana) groente of fruit? groente 279-Wat kun je met een auto? rijden 280-Wat doet een schilder(ressam)? Schilderen(resim) |
||
| < | WWW.HOLLANDACAEGITIMI.COM |
body oncontextmenu="alert('www.hollandacaegitimi!'); return false;">